

13 februari 2012
Samenvatting
Het gebruikelijke loon kan onder omstandigheden aan de hand van de zogeheten afroommethode worden bepaald. Bij de afroommethode wordt het gebruikelijke loon herleid uit de opbrengsten van de bv, verminderd met de aan de opbrengsten toe te rekenen kosten (exclusief het loon van de directeur-grootaandeelhouder (dga)), lasten en afschrijvingen. Deze methode is toepasbaar in gevallen waarin de opbrengsten van de bv bijna geheel voortkomen uit de door de dga verrichte arbeid. Hof Leeuwarden heeft in een feitelijke procedure beslist dat bij het bepalen van de hoogte van het gebruikelijke loon aan de hand van de afroommethode ook rekening mocht worden gehouden met afschrijving op commerciële goodwill. De procedure betrof een voormalig zelfstandig advocaat die in 1995 tot een advocatenmaatschap was toegetreden en op 1 januari 1999 zijn maatschapsaandeel geruisloos had ingebracht in een werk-bv met daarboven een persoonlijke houdstervennootschap. In verband met het vaststellen van de verkrijgingsprijs van de aandelen had de inspecteur goodwill op de commerciële balans aanvaard. In 2000 had de advocaat op de goodwill afschreven en deze afschrijvingspost werkte naar het oordeel van het hof ook door in de gebruikelijk loonregeling, omdat de goodwill was toe te rekenen aan door de advocaat verrichte arbeid.
Volledig artikel
Een directeur-grootaandeelhouder (dga) wordt voor de loon- en inkomstenbelasting geacht ten minste een bepaald bedrag aan salaris -gebruikelijk loon- te ontvangen van zijn eigen bv. In bepaalde situaties mag hij van een lager bedrag aan gebruikelijk loon uitgaan en in andere situaties moet hij juist een hoger bedrag in aanmerking nemen. Deze regeling staat ook bekend als de gebruikelijk loonregeling. Voor de gebruikelijk loonregeling kunnen twee invalshoeken worden gekozen.
1. Perspectief vanuit de werknemer
Hierbij staat de vraag centraal welk loonniveau gebruikelijk is voor soortgelijke dienstbetrekkingen waarbij een aanmerkelijk belang van hemzelf en/of zijn partner geen rol speelt. Onze opmerking onderaan dit nieuwsbericht bevat de hiervoor geldende gedetailleerde regels.
2. Perspectief vanuit de vennootschap / afroommethode
Vanuit de opbrengsten van de vennootschap wordt teruggerekend welk salarisniveau een vennootschap kan dragen. Dit wordt ook wel de afroommethode genoemd. Bij de afroommethode wordt het gebruikelijk loon herleid uit de opbrengsten van de bv, verminderd met de aan de opbrengsten toe te rekenen kosten (exclusief het loon van de dga), lasten en afschrijvingen. Deze methode is toepasbaar in gevallen waarin de opbrengsten van de bv bijna geheel voortkomen uit de door de dga verrichte arbeid. De Hoge Raad had in zijn arrest van 17 september 2004 deze methode voor het eerst toegepast en daarbij belangrijke lijnen uitgezet. In een procedure voor Hof Leeuwarden was onder meer de vraag aan de orde gekomen of voor het vaststellen van de hoogte van het gebruikelijke loon ook rekening mag worden gehouden met afschrijving op commerciële goodwill.
De procedure betrof een voormalig zelfstandig advocaat die in 1995 tot een advocatenmaatschap was toegetreden en op 1 januari 1999 zijn maatschapsaandeel geruisloos had ingebracht in een werk-bv met daarboven een persoonlijke houdstervennootschap. De advocaat stond in dienstbetrekking tot zijn werk-bv. Daar verrichtte hij (in deeltijd) 90% van zijn arbeid voor deze vennootschap. In verband met het vaststellen van de verkrijgingsprijs van de aandelen had de inspecteur € 226.890 (f 500.000) goodwill op de commerciële balans aanvaard. In het lange eerste boekjaar 2000 (1 januari 1999 tot en met 31 december 2000) had de advocaat € 90.756 (f 200.000) op de goodwill afschreven. In 2001 en 2002 was niet op de goodwill afgeschreven. Bij het vaststellen van de aanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over 2000 en 2002 verhoogde de inspecteur het opgegeven belastbare inkomen vanwege toepassing van de gebruikelijk loonregeling met behulp van de afroommethode.
Hof Leeuwarden was van oordeel dat sprake was van een situatie waarin de opbrengsten van de bv nagenoeg geheel voortvloeiden uit de door de advocaat –in zijn hoedanigheid van werknemer van de werk-bv- verrichte arbeid. Daardoor was de afroommethode van toepassing. Het hof kwam tot het oordeel dat bij het bepalen van de hoogte van het gebruikelijke loon aan de hand van de afroommethode ook rekening mocht worden gehouden met afschrijving op commerciële goodwill. Deze goodwill was namelijk toe te rekenen aan de opbrengsten door de arbeid die de advocaat had verricht. In verband met de goodwill had de inspecteur voor het jaar 2000 een te hoog gebruikelijk loon tot uitgangspunt genomen. Voor dat jaar verklaarde het hof het beroep van de advocaat gegrond.
Opmerking
Voor het jaar 2012 bedraagt het wettelijke normbedrag voor gebruikelijk loon ten minste € 42.000. Op dit bedrag bestaan enkele correctiemogelijkheden. (Houdt u vast voor de ingewikkelde regeling.)
· Als het gebruikelijke salaris van directeuren met dezelfde of soortgelijke functie maar die geen aanmerkelijk belang in een bv hebben, lager is, mag men het gebruikelijke loon verlagen naar dat lagere salaris. Een lager gebruikelijk loon dan het wettelijke normbedrag kan zich onder meer voordoen bij: passieve vennootschappen, deeltijdfuncties, een arbeidsverhouding die maar een deel van het jaar heeft bestaan en bij structureel verlieslijdende vennootschappen;
· Als het gebruikelijke salaris van werknemers (directeuren) met dezelfde of soortgelijke functie maar die geen aanmerkelijk belang in een bv hebben, hoger is, mag het salaris niet in belangrijke mate (30%) afwijken van dat gebruikelijke hogere salaris. In deze situatie geldt nog de aanvullende voorwaarde dat het salaris niet lager mag zijn dan dat van de meestverdienende werknemer (zonder aanmerkelijkbelangaandelen) in de bv of daarmee verbonden vennootschappen;
· Als het gebruikelijke loon van directeuren zonder aanmerkelijk belang lager is dan het loon van de meestverdienende werknemer in de bv (of verbonden vennootschappen) mag men het salaris verminderen totdat het niet meer in belangrijke mate (30%) afwijkt van dat gebruikelijke loon.
Bron: PWC 14022012 / Hof Leeuwarden, 28-6-2011, nr. 10/00061 en 10/00062
DePensioenMakelaar.nl