DeHypothekenMakelaar.nl
Financieel maatwerk van Annu´teit tot Zero-bond en VerbijsterendAdvies voor uw verzekering van Auto tot Zeilboot.

Ø  Na  11 jaar nog geen ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid...

In een convenant van 20 maart 2007 hebben partijen afgesproken de vertrokken ex-partner te laten ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid en de woning aan de achterblijvende partij (man) te leveren. Mocht dit niet lukken, zal de woning zo spoedig mogelijk verkocht dienen te worden. De man is tot op heden in de woning blijven wonen en heeft de bijbehorende lasten betaald.

Vast staat dat het de man tot op heden, zo'n elf jaar later, niet is gelukt de woning en bijbehorende financiering op zijn naam te krijgen met ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid.

Ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid Van de gestelde pogingen die de man daartoe naar eigen zeggen heeft ondernomen zijn geen onderliggende stukken overgelegd, ook niet na de in hoger beroep gehouden comparitie. Namens de vrouw is bij journaalbericht van 19 mei 2017 laten weten dat partijen samen bij de bank zijn geweest maar volgens de vrouw is ook daar geen concreet zicht gekomen op overname door de man en ontslag van de vrouw uit de hoofdelijke aansprakelijkheid.

Inkomen en vertrouwen Ter zitting is hieraan toegevoegd dat de man niet de benodigde inkomensgegevens mee had genomen. Namens de man is bij journaalbericht van 6 augustus 2017 een overeenkomst aangekondigd (met de bank). Bij journaalbericht van 29 september 2017 is vervolgens namens de man medegedeeld dat de overeenkomst niet kon worden ondertekend omdat de bank een punt maakt van het inkomen van de man. Namens de vrouw is daarop definitief het vertrouwen in een onderlinge oplossing opgezegd.

Geen medewerking De vrouw heeft haar stelling dat de man onvoldoende meewerkt ook met nog andere voorbeelden geïllustreerd, zoals dat de makelaar door 'afwezigheid' van de man alleen een geveltaxatie heeft kunnen uitvoeren op 17 oktober 2015. Dat het vertrouwen bij de vrouw in medewerking van de man ter zake de woning is geschaad vindt het hof in het licht van het vorenstaande begrijpelijk.

 

Emigratie Gebleken is verder dat de man op de Filipijnen gehuwd is en dat het nog niet gelukt is zijn echtgenote naar Nederland te laten overkomen. Het risico van leegstand van de woning in Nederland is daarom naar het oordeel van het hof ook niet geheel uit te sluiten mede nu de man in het verleden wel plannen heeft gehad zich op de Filipijnen te vestigen.

Koopplannen gelokkeerd De vrouw heeft er voorts op gewezen dat het voortbestaan van de hoofdelijke aansprakelijkheid haar belemmert bij het kopen / financieren van een andere woning.

Beslissing Eerder heeft de Rechtbank beslist dat:

... deze beschikking in de plaats komt van de noodzakelijke toestemming en de wilsverklaring van [verzoeker] voor het in verkoop geven van de woning bij een door [verweerster] aan te wijzen makelaar;

... de woning onderhands dient te worden verkocht tegen een koopsom gelegen boven de getaxeerde executiewaarde, blijkend uit een taxatierapport dat niet ouder mag zijn dan zes maanden, te rekenen vanaf datum ondertekening van de koopovereenkomst;

... deze beschikking in de plaats komt van de voor de aanvaarding van een eventueel bod en voor de eigendomsoverdracht en levering van de woning noodzakelijke toestemming en wilsverklaring en handtekening van [verzoeker] bij een door [verweerster] aan te wijzen notaris;

... [verzoeker] gehouden is om de woning ten tijde van de levering door [verweerster] aan een derde ontruimd te hebben en te houden;

Het Hof heeft deze uitspraak bevestigd en daaraan toegevoegd:

... machtigt de vrouw om de gemeenschappelijke woning van partijen gelegen aan het adres plaatselijk bekend als de [a-straat 1] te [A] te laten bezichtigen door belangstellenden / taxateurs, makelaars, (bouw)deskundigen onder de verplichting van afgifte der sleutels van de man, welke machtiging de vrouw door de deurwaarder ten uitvoer kan doen leggen, zo nodig met behulp van de sterke arm;

Bron: Rechtspraak.nl

DeHypothekenMakelaar.nl

 

 

Ø  Na 1,5 jaar nog geen OHA, nu toestemming tot verkoop

Een voormalig echtpaar is in november 2016 gescheiden. Het bijbehorende ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid van de vertrokken ex-partner is niet gelukt. De Rechtbank Rotterdam heeft daarom de vertrokken ex-partner toestemming verleend de voormalige echtelijke woning te verkopen.

 [eiseres, vertrokken ex-partner die uit hoofdelijke aansprakelijkheid wenst te worden ontslagen], [gedaagde, achterblijvende ex-partner/bewoner]

De rechtbank overweegt allereerst als volgt.

Gewichtige redenen Op grond van het bepaalde in artikel 3:174 lid 1 en 2 BW kan een partij – bij verzoekschrift – de rechter verzoeken om hem te machtigen om een gemeenschappelijk goed te gelde te maken in verband met de voldoening van een voor rekening van de gemeenschap komende schuld of om andere gewichtige redenen. Die gewichtige redenen kunnen ook liggen in leegstand en een daardoor optredend gevaar voor waardevermindering.

Artikel 3:185 BW  Niet als gewichtige reden kan worden aangemerkt de noodzaak tot een behoorlijke verdeling te geraken. Hierop is artikel 3:185 BW van toepassing. Gelet op hetgeen [eiseres] te berde heeft gebracht ter zake van haar vordering – waaronder haar stelling dat zij op grond van artikel 3:185 BW niet kan worden verplicht in een onverdeeldheid te blijven – alsmede de toelichting op haar vordering ter comparitie, vat de rechtbank de vordering van [eiseres] op als een vordering tot verdeling ex artikel 3:185 BW. Daarbij overweegt de rechtbank dat partijen gemeenschappelijk eigenaar zijn van de woning en derhalve deelgenoten.

Geen overeenstemming tussen (ex-)echtelieden
Indien de deelgenoten in een gemeenschap geen overeenstemming over de verdeling van een gemeenschap kunnen bereiken, kan de rechter de verdeling daarvan op de voet van artikel 3:185 lid 1 BW vaststellen. Daarbij dient, zoals in dat artikel is bepaald, naar billijkheid rekening te worden gehouden met de belangen van partijen en het algemeen belang.

Eigen rechterlijke invulling De rechter die de verdeling vaststelt, geniet een mate van vrijheid en is niet gebonden aan hetgeen partijen over en weer hebben gevorderd en hij behoeft niet expliciet in te gaan op hetgeen partijen aanvoeren. Nu [gedaagde] zich tegen een vordering tot verdeling heeft verweerd, is de rechtbank van oordeel dat [gedaagde] niet in zijn belangen is geschaad.

Onvoldoende actie Voorts overweegt de rechtbank ten aanzien van de vordering tot verkoop van de woning als volgt. Nu [gedaagde] meer dan anderhalf jaar heeft laten verstrijken zonder dat de overname van de woning is gerealiseerd – of hiermee in ieder geval een aanvang is gemaakt – zal de rechtbank op de voet van artikel 3:185 BW de verkoop van de woning gelasten. [gedaagde] heeft geen enkel stuk in het geding gebracht waaruit blijkt dat hij zich enige inspanning heeft getroost om de woning volledig op zijn naam te krijgen en [eiseres] uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypothecaire lening te laten ontslaan.

Sterke arm Het vorenstaande brengt met zich dat de woning zal dienen te worden verkocht. Dit zal plaatsvinden op de in het dictum te vermelden wijze. De rechtbank ziet, nu [gedaagde] zich niet kan vinden in de verkoop van de woning, aanleiding om te bepalen dat [gedaagde] uiterlijk één dag voor de met koper overeengekomen leveringsdatum dient te ontruimen en zal de vordering tot ontruiming door [eiseres] in die zin toewijzen. Uiteraard zal [gedaagde] , zolang hij in de woning verblijft, zijn medewerking dienen te verlenen aan alle feitelijke handelingen die noodzakelijk zijn om te komen tot verkoop van de woning, waaronder begrepen het aan de makelaar verschaffen van toegang tot de woning, bezichtigingen door (potentiële) kopers en overige door de makelaar te organiseren verkoopactiviteiten. Daarbij overweegt de rechtbank dat de gevorderde machtiging om de ontruiming zo nodig zelf te doen uitvoeren met behulp van de sterke arm van justitie zal worden afgewezen, omdat zij ingevolge artikel 556 lid 1 en artikel 557 Rv overbodig is. Immers, op grond van de artikelen 556 lid 1 en 557 Rv is de deurwaarder, zonder rechterlijke tussenkomst, bevoegd de hulp van de sterke arm van politie in te roepen, waarbij de kosten van de ontruiming ingevolge het Besluit tarieven ambtshandelingen gerechtsdeurwaarders voor rekening van [gedaagde] komen.

Bron: Rechtspraak

DeHypothekenMakelaar.nl



Laatste update: 03/07/2018 11:54.05